Naar de inhoud
BedrijfsacademiesOpleiden in eigen beheer

Home

Inkopen, laten maken of zelf maken

De drie routes naar dezelfde kennis, naast elkaar gezet op kosten, doorlooptijd, aanpasbaarheid en eigenaarschap van het materiaal.

Er zijn drie manieren om medewerkers aan dezelfde kennis te helpen. Je koopt plaatsen in een bestaande cursus, je laat materiaal op maat maken door een externe partij, of je maakt het zelf met eigen mensen. Ze verschillen niet alleen in prijs, maar ook in doorlooptijd, in aanpasbaarheid en in de vraag van wie het materiaal achteraf is.

Waarop je vergelijkt

Kosten zijn het makkelijkst te vergelijken en het minst beslissend. Drie andere punten wegen in de praktijk zwaarder.

Doorlooptijd. Als er over zes weken twintig nieuwe mensen beginnen, is een traject van een half jaar geen optie, hoe voordelig het ook is.

Aanpasbaarheid. Kennis over je eigen werkwijze verandert. Dan moet het materiaal mee. Wie daarvoor afhankelijk is van een leverancier of van één medewerker, loopt vast. Zie Een academie die niet verstoft.

Eigenaarschap. Bij eigen personeel liggen de auteursrechten meestal bij de werkgever, bij een externe opdracht juist niet. Dat is te regelen, maar alleen vooraf en schriftelijk. Zie Van wie is het lesmateriaal.

De drie routes naast elkaar

In de tabel hieronder staan de routes op tien punten naast elkaar. Twee daarvan zijn geen inschatting maar een wettelijke regel, met de vindplaats eronder. Er staan bewust geen bedragen in: die verschillen per sector en per jaar te veel om er iets zinnigs over te zeggen. Voor de bedragen gebruik je je eigen cijfers in de rekenhulp en voor de afweging daarachter Zelf opleiden of cursussen inkopen.

De drie routes

Tien punten naast elkaar

Drie manieren om medewerkers aan dezelfde kennis te helpen, naast elkaar gezet.
  Cursussen inkopen Laten maken Zelf maken
Wat je koopt Plaatsen in een bestaand programma van een opleider. Een module op maat, gemaakt door een extern bureau of freelancer. Uren van je eigen vakmensen, plus een plek om het materiaal te zetten.
Kosten vooraf Geen. Je betaalt per deelnemer, per keer. Hoog en zichtbaar: een offerte per module, meestal voor de eerste les af is. Vooral uren van eigen mensen, die zelden op een factuur staan.
Kosten per extra medewerker Vol tarief, elke keer opnieuw. Vrijwel nul, tenzij er licenties per gebruiker zijn. Vrijwel nul, op de uren van de medewerker zelf na.
Doorlooptijd tot de eerste groep Kort: inschrijven en wachten op een datum. Middellang: intake, script, productie, correctierondes. Wisselend en volledig afhankelijk van de agenda van je eigen expert.
Past bij je eigen werkwijze Nauwelijks. Je krijgt de algemene versie van het vak. Goed, als je zelf goed hebt uitgelegd wat je wilt. Precies, tot en met je eigen machines, systemen en formulieren.
Eigenaarschap van het materiaal 1 Bij de opleider. Je huurt toegang. Alleen bij jou als het schriftelijk is overgedragen. Regel dat vooraf. Bij de werkgever, als het door eigen personeel in functie is gemaakt.
Wie de leertijd betaalt 2 De werkgever, bij verplichte scholing ook de reistijd en het materiaal. De werkgever. De leertijd is korter als de module korter is. De werkgever, maar zonder reistijd en meestal in kortere blokken.
Actueel houden Zorg van de opleider. Je merkt het pas bij de volgende groep. Kost opnieuw geld, meestal per wijziging of via een servicecontract. Kost opnieuw uren. Dat is precies waar het meestal spaak loopt.
Waar het misgaat Niemand telt op wat er over drie jaar aan uitgegeven is. De module veroudert en het budget voor onderhoud is op. De maker vertrekt of krijgt het te druk en niemand neemt het over.
Verstandig als Het om weinig mensen gaat, of om kennis die buiten je vak ligt. De inhoud specifiek is, het volume groot en interne uren schaars. Je het elk jaar herhaalt en de kennis alleen bij jou in huis zit.

Schuif de tabel naar links om alle kolommen te zien.

Bedragen staan er bewust niet in. Reken je eigen situatie door met de rekenhulp.

Waar de twee juridische regels vandaan komen

  1. Werk dat een werknemer in de uitoefening van zijn functie maakt, wordt in beginsel aan de werkgever als maker toegerekend. Dat staat in artikel 7 van de Auteurswet: wetten.overheid.nl, Auteurswet. Bij een externe opdracht geldt dat niet, daar moet je de rechten schriftelijk laten overdragen. Terug naar de tabel
  2. Scholing die de werkgever verplicht stelt, moet kosteloos zijn voor de werknemer en geldt als arbeidstijd. Dat staat in artikel 7:611a van het Burgerlijk Wetboek: wetten.overheid.nl, Burgerlijk Wetboek Boek 7. Wat daar precies onder valt staat in Verplichte scholing: wat de wet erover zegt. Terug naar de tabel

Wetsverwijzingen gecontroleerd op 6 september 2026. Wetgeving verandert, controleer de tekst voordat je hem in een stuk overneemt.

Kort samengevat, in de volgorde waarin je het meestal moet beslissen

  1. Ligt de kennis buiten je eigen vak? Koop in. Wetgeving, taalcursussen en generieke vaardigheden hoef je niet zelf te maken. Je maakt ze zelden beter dan een opleider die er zijn werk van heeft gemaakt.
  2. Gaat het over je eigen machines, systemen of werkwijze? Dan bestaat de algemene cursus die dat dekt niet. Zelf maken of laten maken zijn dan de enige twee opties.
  3. Herhaal je het elk jaar met meer mensen dan het omslagpunt uit de rekenhulp? Zelf maken verdient zich terug. Zit je eronder, dan kost het meer dan het oplevert.
  4. Zijn de uren van je eigen expert er echt? Zo niet, dan is laten maken eerlijker dan zelf maken, want een halve module is duurder dan geen module.
  5. Weet je wie het over twee jaar bijwerkt? Kun je die naam niet noemen, regel dat dan eerst. Zie Een academie die niet verstoft.

Uitdraai van bedrijfsacademies.nl/vergelijking/ · · onafhankelijke informatiesite, geen aanbieder van opleidingen.